Taalfouten die bijna iedereen maakt, deel 8

Welkom bij PAsearch - bureau voor werken in management support.
Neem een kijkje op onze website!
Deze achtste blog over de Nederlandse taal gaat over een taaldilemma waar veel Nederlanders mee worstelen of waarvan velen zich niet eens bewust zijn dat ze deze fout maken. Is het nu “groter dan” of “groter als”? Het goede antwoord is: groter dan – Zijn huis is groter dan jouw huis. Volgens de taalregels komt er na een vergrotende trap en na ander(e) en anders, het woord dan: kleiner dan, hoger dan, liever dan, makkelijker dan, iets anders dan. – Hij eet niets anders dan brood. – Zij verdient meer dan dat ik gedacht had. – Hij draagt een andere broek dan gisteren. Als wordt gebruikt na even of (net) zo in combinatie met een bijvoeglijk naamwoord: – De boom is even hoog als de lantaarnpaal. – De boom is niet even hoog als de lantaarnpaal. – Ik heb net zo weinig trek als jij. Als is ook juist bij combinatie met twee keer zo …. als of lang niet zo… als. Ezelsbruggetje: wanneer het woordje zo in de zin staat, gebruik je het woordje als in de combinatie. – Haar salaris is twee keer zo hoog als het mijne. – Ik heb lang niet zo veel geduld als jij. Wat is juist: hij is groter dan mij of hij is groter dan ik? Het goede antwoord is: ...